Stil.

Ik draag de palen in je hakken, die strepen in huid
sans takken noch bast tot de hoek van de straat
waar ons notenhuisje in de schaduw van de Chacá.

Je weegt me bij de amanecer, dan schurenwe
de lak van je handen, dan vrijenwe, we nemen wat ons toe-
komt. Met liefde. Met geweld.

In het licht van de zon of niets.